Groeten uit Griekenland

Al jaren lees ik de blog van Bruno Tersago, ‘Reilen en zeilen in Griekenland’. Toen ik hoorde dat er ook een boek kwam, snelde ik dus naar de winkel. Ik was benieuwd naar het verhaal en het inzicht van iemand die er woont en de dagelijkse Griekse realiteit meemaakt.

De postkaart die hij ons stuurt uit het land van zon en zee, is er een die nu eens verontwaardiging oproept, dan weer woede of verdriet. Om de zoveel pagina’s schiet de vraag door mijn hoofd: ‘Hoe kan dit? Hoe is dit mogelijk?’.

Bruno opent het boek met een warm welkom, een zoals je er in Griekenland zou krijgen. Kom binnen, neem plaats bij ons aan tafel, eet iets, drink iets en hij stelt zijn gasten voor. We krijgen hun naam te horen, we weten hoe ze er min of meer uitzien. Maar vooral, we krijgen hun verhaal te horen, de woorden uit hun mond. Schrijnende verhalen die je vaak kippenvel geven.

Nee, Bruno belooft ons geen politieke of economische analyses, laat het duidelijk zijn. In de plaats daarvan laat hij de wereld zien zoals die zich in de straat afspeelt met als doel dat wij overige Europeanen niet enkel cijfers zien, maar in de eerste plaats mensen, levens en dat we op die manier begrip krijgen.

Iedereen komt aan het woord, zij die getroffen zijn, de oligarchen die als de vroegere clans in de Mani-torens hun macht uitspelen – opnieuw de vraag: ‘Hoe is dit mogelijk? Het lijken wel de Middeleeuwen!’ – de afgevaardigden van de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank en het IMF, de politieke partijen die verandering beloven terwijl ze enkel kunnen vuren met de kogels die hen zijn toebedeeld.

Ceci n’ est pas l’ Europe. Mijn begrip is verder gegroeid, mijn onbegrip echter misschien nog meer.

Kalitsounia, mijn favoriete Kretenzische koekjes!

Cretan-Sweet-Cheese-Pastries-Kalitsounia-21

Wandelend door de straten van Chania, zag ik ineens in de vitrine van een lokale ‘zaxaroplasteio’ deze heerlijk ogende koekjes liggen. Nieuwsgierig naar de smaak ervan, stapte ik binnen en duidde ik de winkeljuffrouw de koekjes aan die ik wilde. ‘Ta kaltsounia?’ vroeg ze. Nu wist ik ook de naam ervan. Ik glimlachte en knikte bevestigend. Ze vulde een zakje en terug op weg, beet ik gretig in het hartige koekje. Ik was verkocht, dit werden mijn absolute lievelingskoekjes!

Later ging ik op zoek naar de ingrediënten. Het hoofdingrediënt is de Kretenzische ‘mizithra’ kaas. Daarmee worden verschillende varianten gemaakt, met Kretenzische kruiden, een zoutige versie of de zoete versie die ik verkies, afgewerkt met kaneel.

Bougatsa

Bougatsa

Thessaloniki is gekend voor zijn bougatsa. Een Griek ontbijt gewoonlijk niet thuis en drinkt slechts koffie ’s morgens. Maar omdat men vaak pas rond een uur of twee luncht of nog later en dat heel lang is om uit te houden, zal hij vaak onderweg stoppen voor een tiropita, filodeeg gevuld met kaas, spanakopita, filodeeg gevuld met spinazie of een bougatsa, filodeeg gevuld met gehakt of griesmeelpudding. In Thessaloniki is de favoriet de bougatsa met griesmeelpudding. Vaak wordt dit ontbijt genomen met Griekse chocomelk in plastic flesjes. Zelfs de spanakopita wordt gegeten met koffie of chocolademelk. Met zo’n ontbijt hou je het wel vol tot de late middag. Erg lekker, maar wel zwaar!

Elektra

20141214_145423Voor de theatervoorstelling van Elektra door het NTGent (www.ntgent.be), baseerde de regisseuse zich op de teksten van de drie Griekse tragedieschrijvers Euripides, Sophocles en Aischylos. Doel van Julie Van den Berghe was het antieke stuk terug actueel maken. Hiervoor deed ze onder andere beroep op haar zus, oorlogsverslaggeefster Annabelle, die rapporteert vanuit het Midden-Oosten. Maar ook liet ze zich inspireren door schrijvers als Machiavelli en Virginia Woolf. Drie thema’s staan hierbij centraal: de rol van vrouwen in de oorlog, het zoeken naar een eigen identiteit en de manier waarop we woorden gebruiken om uitdrukking te geven aan onze emoties.

De tragedieschrijvers raakten aan universele onderwerpen, zoals de relatie tussen moeder en dochter, bedrog en wraak. Naast het Oedipuscomplex dat reeds eerder werd beschreven door Freud, bedacht Jung de naam Elektracomplex, wat Freud gedefinieerd had als het fenomeen waarbij een dochter tijdens haar ontwikkeling de vaderfiguur gaat heroïseren en haat gaat ontwikkelen tegenover de moederfiguur.

Het stuk neemt aanvang met een trompetspeler. Tijdens de hele voorstelling zullen koperblazers een centrale rol innemen. Dit als verwijzing naar het belang van dit instrument dat reeds werd gebruikt in de Oudheid. Ook nu nog worden tijdens de Last Post de gesneuvelden herinnerd door koperblazers. Het 3-koppige koor van muzikanten vertolkt op originele manier de rol van het koor.

Een weldoordacht en ver doorgetrokken concept, dat zeker zijn effect niet mist, maar soms ook voor verwarring en chaotiek zorgt. De kakofonie van blazers, getik op metaal en het schreeuwen van de verschillende stemmen zorgt door zijn overdaad voor een verwarrende zoektocht naar aandacht. Er gebeurt zoveel tegelijkertijd dat men op sommige momenten alles hoort en tegelijk niets hoort. Euripides, Sophocles en Aischylos worden soms overschreeuwd.

De regisseuse had het idee om de acteurs grotendeels te laten spelen voor een microfoon met statief, dit als referentie naar de speeches van grote wereldleiders. Weldoordacht, maar ondanks het overduidelijke aanwezige acteertalent, brachten de statieven ook iets statisch in het stuk. Het leek alsof de expressie, mimiek verborgen, geminimaliseerd, haast gesculpteerd werd doordat de acteurs hoofdzakelijk gebonden waren aan hun microfoon.

Verder gaf ze ook de opdracht aan de acteurs om brieven te schrijven naar elkaar in het kader van hun personage. Ze vond de brieven uiteindelijk zo goed dat ze de teksten ook ging gebruiken tijdens de voorstelling. Wanneer Kassandra of Elektra dichtbij het publiek deze hedendaagse tekst vertolken, krijgen de karakters plots iets heel reëels, tastbaar, actueel. Alsof deze oude personages opeens tot leven komen voor je neus en je haast geneigd bent een gesprek met hen aan te gaan. Dit contrast met het prachtige decor van de oude paleismuren die zo doen denken aan het echte paleis in Mycene, zorgt voor een surrealistisch effect.

Dit is een interpretatie die doet nadenken, met acteurs die met minimale fysieke expressie, de woorden als kanonballen tot bij jou slingeren door hun stem maximaal te gebruiken en zo je aandacht op elk moment vasthouden. Ook de kostuums, althans van de vrouwen, hebben iets schreeuwerig in hun kleuren.  De regisseuse heeft bewezen dat oude teksten nog brandend actueel kunnen zijn. De explosie van creativiteit is tot uiting gekomen op het podium. De luide knallen van woorden en muziek leken als spervuur van de ene naar de andere kant te vliegen. Uiteindelijk doet het hele stuk mij eerder denken aan Picasso’s Guernica die met zijn veelheid aan figuren de chaos van de oorlog wou oproepen en niet de oorlog zelf verbeeldde.